Overheidsbeleid
Sinds de invoering van het bovenbouwvak Culturele en Kunstzinnige Vorming (CKV1), in 1999 voor HAVO/VWO en in 2003 voor het VMBO, hebben kunst en cultuur een structurele plek gekregen in het voortgezet onderwijs. Het bezoeken van een voorstelling, tentoonstelling of concert door scholen is een vanzelfsprekendheid geworden (zie kerndoelen PO/VO).
Het ministerie van OCW ondersteunt en stimuleert de beleidsmatige inzet van cultuureducatie. Cultuureducatie valt onder de kerndoelen 54, 55 en 56 van het primair onderwijs en de kerndoelen 48 t/m 51 van het voortgezet onderwijs (zie kerndoelen PO/VO).
Cultuureducatie is een van de prioriteiten van het cultuurbeleid dat op 1 januari 2013 ingaat. Ook wordt cultuureducatie een subsidie criterium voor culturele instellingen in de basisinfrastructuur. Over de mogelijke bezuinigingen binnen cultuureducatie volgen bestuurlijke afspraken tussen de rijskoverheid, provincies en gemeenten.
De Regeling Versterking Cultuureducatie voor Primair Onderwijs blijft voorlopig intact. Dat houdt in dat scholen een bedrag van 10,90 euro per leerling per jaar beschikbaar gesteld krijgen. Dit budget wordt aan de besturen ter hand gesteld, als onderdeel van de lumpsum financiering. Schooldirecties dienen dit geoormerkte budget bij het bestuur aan te vragen.
De CJP Cultuurkaart tegoeden die vanaf 2008 beschikbaar waren voor het Voortgezet Onderwijs, vervallen per eind schooljaar 2012.