Keynote speaker Dirk Monsma

Dirk Monsma pleit voor een culturele infrastructuur voor leerlingen met speciale onderwijsbehoeften. In de aula van de Alphons Laudyschool praat hij over zijn verkenning van het kunst- en cultuuronderwijs in het speciaal basisonderwijs en het (voortgezet) speciaal onderwijs in Nederland. Hij benadrukt het belang van cultuuronderwijs voor kinderen met een beperking:

Het belang van cultuuronderwijs, juist voor kinderen met een beperking 
Dirk benadrukt het belang van cultuuronderwijs voor kinderen met een beperking. “Cultuuronderwijs biedt wat alle andere leergebieden niet bieden. Het is minder verbaal, het gebruikt andere vormen van communicatie, het wijst een omweg om de beperking heen. Het vormt de persoonlijke een sociale ontwikkeling.”De maatschappelijke waarde van het cultuuronderwijs voor leerlingen met speciale onderwijsbehoeften is dat zij zich individueel breed kunnen ontplooien en een gereedschap ontdekken om (inclusief) mee te doen. Om zo te participeren bij culturele activiteiten en breder in onze maatschappij. Officieel richt speciaal onderwijs zich juist op werk, wonen én vrije tijd. Maar staat de (culturele) omgeving daar voor open?

Tahir
Dirk laat de zaal kennismaken met Tahir, achttien jaar en leerling op de VSO Alphons Laudy. Aan onderstaande tekening heeft hij een half jaar gewerkt, inmiddels is de tekening helemaal af, ook rechts. Van scherp waarnemen komt hij tot een prachtige compositie, die wij een verbeelding noemen.

tekening talent speciaal onderwijs cultuuronderwijs kunsteducatie belang
Wat is de betekenis van kunstonderwijs voor Tahir en zijn medeleerlingen? 

  1. Kunstonderwijs geeft kinderen met een beperking de mogelijkheid om een route te ontdekken om hun belemmering heen, zodat ze zichzelf kunnen overtreffen. De kracht van Tahir ligt in zijn waarnemen.
  2. Kunst geeft kinderen een positieve betekenis, het geeft positieve ingrediënten voor hun identiteit. Tahir ontdekte dat hij van tekenen houdt, hij houdt van kleur. Hij krijgt dat ook te horen van zijn tekendocent, van zijn moeder. Hij doet ontdekkingen als hij tekent. Dat vormt hem.
  3. In het maakproces verlies je de tijd. Het onderwijs aan kinderen met een beperking is heel gestructureerd. Door kunst verliezen de kinderen de structuur zonder zichzelf te verliezen, omdat ze meegenomen worden in de structuur van de kunst, in het ritme of de melodie van muziek, de structuur van klei of krijt. Tahirs ging al als kind op in het tekenen.
  4. Actieve kunstvormen zijn een gereedschap om samen met anderen muziek te maken, te dansen, je tekeningen te tonen aan de wereld. Om mee te doen. Zoals wij nu kijken naar de opmerkelijke tekening van Tahir.

Meral
Op De Zonnehoek, school voor voortgezet speciaal onderwijs, in Apeldoorn is een fotoclub van leerlingen en fotografen. Meral is een van hen. ‘Ik houd van spelen met scherpte’, vertelde ze Dirk in een interview.

Vijftien procent van de leerlingen heeft een speciale leerbehoefte
Rond de vijftien procent van de leerlingen heeft een speciale leerbehoefte waar het regulier onderwijs eigenlijk niet mee overweg kan. Deze leerlingen zitten niet allemaal op het speciaal onderwijs of het praktijkonderwijs. In Nederland gaat het om 8% van de leerlingen met een beperking van het primaire onderwijs, waar het vso ook bij hoort. In Amsterdam zijn er ruim 100.000 leerlingen in het primair en voortgezet onderwijs. Daarvan hebben 15% een speciale onderwijs behoefte, dat zijn er 15.000. Mijn schatting is dat ruim de helft daarvan op speciale scholen zit.

De Amsterdamse situatie
Dirk: “Wat opvalt is dat er op de Amsterdamse speciale scholen veel gebeurt, mede door de inspanningen van Mocca. Met het cultuuronderwijs op de dertig speciale scholen in Amsterdam gaat het goed, steeds beter. Deels door het Amsterdamse Basispakket met extra faciliteiten voor de scholen. Bijna alle scholen geven inmiddels muziekonderwijs. Driekwart van de scholen heeft één of meer kunstzinnige leerlijnen in het curriculum opgenomen. Mocca heeft zich de afgelopen jaren actief gericht op speciale scholen bijvoorbeeld met training voor kunstdocenten en LeerlijnenLabs. Resultaat is dat leerlingen steeds meer gemotiveerd zijn om met kunstzinnige activiteiten aan de slag te gaan.

Buitenschoolse cultuurparticipatie
De educatie kant is sterk in ontwikkeling, maar participatiemogelijkheden zijn beperkt. Er ontbreekt een culturele infrastructuur voor deze leerlingen in de vrije tijd. De mogelijkheden voor cultuurparticipatie in de vrije tijd voor deze groep zijn beperkt. De deelname blijft ver achter bij hun leeftijdgenoten. Naschools aanbod is er wel, maar daarna stopt het. Voor Tahir is het om meer redenen een stap te ver om buiten school op tekenles te gaan. Er blijkt nauwelijks doorstroom van leerlingen naar cursussen en activiteiten na schooltijd, zoals dans of pianoles.

Dat heeft veel oorzaken.

  1. Gezin. Er zijn zowel financiële, sociaal-culturele, als praktische bezwaren. Ouders zijn zich onvoldoende bewust van het belang van deze activiteiten voor hun kind.
  2. De scholen zien belemmeringen en hebben onvoldoende tijd om de leerlingen te begeleiden naar de vrije tijd. De kunstzinnige competenties zijn niet automatisch een gesprekonderwerp tussen school en ouders.
  3. Er zijn weinig culturele instellingen voor actieve kunstbeoefening in Amsterdam die kinderen met een beperking (inclusief) hartelijk ontvangen. Een positieve uitzondering is de Muziekschool Amsterdam met de Muziekcirkel.
  4. Specifieke mogelijkheden voor deze doelgroep zijn er nauwelijks. De Stichting Tamino heeft in Noord samen met het Orioncollege een zaterdag activiteit ‘Kunsthelden’ op gezet voor kinderen met een verstandelijke beperking, Het gaat om een serie van zaterdagse lessen rond verschillende kunstdisciplines met professioneel geschoolde kunstdocenten.
  5. Intermediairs ontbreken: ik denk aan cultuurcoaches die een brug slaan van school naar vrije tijd.cultuurponderwijs speciaal onderwijs kunsteducatie amsterdam dirk monsma

Naar een inclusieve culturele infrastructuur
Nu het cultuuronderwijs op speciale scholen zich sterk ontwikkelt, dient er een infrastructuur te komen (die inclusief is) met programma’s in de vrije tijd voor leerlingen in met speciale onderwijsbehoeften.

  • Laat iedere culturele organisatie voor zichzelf bedenken of en zo ja, waarom en hoe, ze zich kan inzetten voor deze leerlingen.
  • Ontwikkel meer mogelijkheden specifiek voor deze groep gespreid over de stad.
  • Stel intermediairs (cultuurcoaches) aan voor het speciaal onderwijs die leerlingen van de scholen begeleiden naar het buitenschoolse
  • Maak verbindingen met bestaande ateliers en werkplaatsen rond dagbesteding.
  • Het vraagt een inspanning van de gemeente vanuit onderwijs, cultuur, zorg en welzijn om daar een financiële basis onder te leggen.

Dirk Monsma eindigt met een oproep. “Graag roep ik jullie allemaal op om een inclusieve culturele infrastructuur te bouwen voor leerlingen met speciale onderwijs behoeften met een spreiding over deze mooie stad.” Alle aanwezigen kregen een exemplaar van Fluisterzacht en Haarzuiver van Dirk Monsma mee naar huis.

Dirk Monsma werkconferentie speciaal onderwijs amsterdam cultuuronderwijs kunsteducatie